donderdag 27 maart 2014

Interviews met ondernemers en presentatie onderzoek in Berlijn

Deze weken heb ik een aantal boeiende interviews met ondernemers gehad. In deze interviews bespreken we de 4 verschillende manieren om naar de toekomst van het bedrijf te kijken. Die 4 typen komen uit de enquête. Van elk type zijn een aantal ondernemers benaderd om samen de factoren te bespreken die maken dat dit type inderdaad bij het bedrijf en de ondernemer past.

De 4 typen worden duidelijk herkend, dat is een bevestiging dat de enquête met aandacht is ingevuld. Het is erg leuk om deze gesprekken te voeren en ook de ondernemers waarderen het. Het is toch ook wel goed om af en toe je eigen bedrijf op zo'n manier te bespreken. Waarom doe je de dingen zoals je ze doet.

Aankomende week reis ik naar Berlijn voor een cursus en een conferentie. Bij de conferentie zal ik ook een presentatie verzorgen over mijn onderzoek op Kampereiland. Boeiend om te doen en zo met veel mensen uit Europa te spreken die ieder op hun eigen plek bezig zijn met de ontwikkelingen van de landbouw en het platteland.

woensdag 19 februari 2014

Steeds meer boeren die Boeren

In het boerenlandschap ziek ik een groeiende groep boeren die niets tegen agrarisch ondernemerschap heeft, zeer zeker niet. Maar die het wel jammer vindt als die titel en de verwachtingen daarbij het woord 'boeren' achterhaald maakt.

Het woord boeren lijkt aan een 'eerherstel' fase bezig te zijn. Mooi om te zien, boeren die met trots die titel dragen.

Een voorbeeld hiervan is het Boerengilde dat op 14 februari is opgericht, 4 melkveehouders hebben die dag hun liefde voor het 'boerenvak' uitgesproken en ondertekend bij de oprichting van het Boerengilde. De Gildebrief is ondertekend en het toekomst beeld is dat deze groep boeren gaat groeien naar minimaal 100 boeren in 4 jaar tijd. Op weg naar een eigen vermarkting.

Van de website www.boerengilde.nl:
‘Boer-zijn’ is een van de oudste vakken ter wereld. Het is een echt ambacht van mannen en vrouwen die in balans met de natuur voedsel produceren. De boerenkennis die is opgebouwd is groot. Het is een manier van boeren waarbij kennis over koeien, voeding, economie, natuur en bemesting integraal wordt toegepast. Het vraagt veel van elke boer om dit allemaal te beheersen en in te zetten en de integrale toepassing lijkt misschien niet zo efficiënt in economische zin. Toch levert het veel voordelen op voor koe, mens, natuur en landschap.'

Het woord boer en het woord Gilde, beide woorden uit een tijd, woorden die we tegenwoordig niet onder het rijtje 'modern' plaatsen.

Maar wellicht is het juist wel heel modern: om terug te gaan naar wat wil nu eigenlijk zelf, wat wil ik nu eigenlijk echt? En dan uit te komen bij het ambacht van boer-zijn en daar je eigen weg in te zoeken.

Persoonlijk geloof ik in mensen die hun eigen kracht en motivatie weten aan te boeren, ik denk dan ook dat het een succes kan en zal worden. In ieder geval gun ik het ze van harte en ik gun het de maatschappij. Mensen met passie voor hun vak en een brede blik op hun plaats in de omgeving hebben we nodig! Deze boeren geven daar op hun eigen manier concreet vorm aan. Prachtig!

vrijdag 14 februari 2014

Onterecht en ongelukkig citaat in De Brug: een les geleerd over kranten en journalisten

Donderdag 6 februari mocht ik bij een bijeenkomst georganiseerd door wethouder Treep over agrarisch ondernemen in Kampen een deel invullen vanuit mijn onderzoek. Dit heb ik met veel plezier gedaan, het was een prettige bijeenkomst waarin zowel de kansen als de uitdagingen voor agrarische bedrijven besproken zijn.

In die bijeenkomst werd tijdens de discussie een vraag gesteld over het rapport Monitoring economische ontwikkeling melkveehouderij Kampereiland e.o. 2010. Dit rapport laat namelijk zien dat er wel degelijk sprake is van zorg over de economische ontwikkeling. Een gemiddeld bedrijf houdt op jaarbasis 20 tot 25.000 Euro minder over als vergoeding voor zijn arbeid en het eigen kapitaal.  Dat is een serieus bedrag wat absoluut aandacht vraagt. Dit bedreigt de economische ontwikkeling van de bedrijven op termijn. In hetzelfde onderzoek constateren we ook dat de variabele kosten in dit gebied gemiddeld 15.000 euro hoger zijn dan op het referentiebedrijf. De grote vraag is natuurlijk waar komt dat door. Dit kan te maken hebben met ondernemerskeuzes en met omstandigheden. Het is voor de agrariërs belangrijk om hier zelf goed naar te kijken. Uiteindelijk heb je als ondernemer het recht om te ondernemen en niet het recht op inkomen.

Dat je als agrariërs tegelijkertijd ook een gesprek voert  met de verpachter over de pachtprijs is natuurlijk van alle tijden en dat gesprek zal er ook altijd zijn. De belangen zijn nu eenmaal uiteindelijk net anders op dat punt. Uiteindelijk is pachten een zakelijke overeenkomst en moet daar ook zakelijk over gesproken worden.

Er is namelijk wel een inhoudelijk punt te maken: is de koppeling van Kampereiland aan de regionorm Noordelijk Weidegebied een juiste? Leidt dat niet tot een onevenredig hoge pachtprijs? Dat is niet iets waar je zo maar 123 een antwoord op kunt geven, wel is het het waard om hier goed naar te kijken.

Dat heb ik gezegd en daar sta ik ook voor. In De Brug van 11 februari is er een artikel verschenen van Michiel Satink waarin ik geciteerd wordt alsof ik boeren oproep om te gaan protesteren over de pachtprijs.
Met dat citaat ben ik erg ongelukkig, het doet geen recht aan de inhoud van het gesprek en het doet geen recht aan de inspanningen die zowel de pachters als de verpachter leveren om samen te werken aan de toekomst van het mooie Kampereiland. De indruk wordt gewekt alsof ik polariserend bezig ben en dat is absoluut niet mijn doel. In mijn onderzoek zoek ik juist naar de verbinding en er is een hele prettige samenwerking met zowel de agrariërs (Pachtersbond) en met de verpachter Stadserven, waarvoor ook bij deze nadrukkelijk mijn dank aan alle betrokkenen.

Het kwaad is geschied, het 'staat in de krant' en dat zij zo. Voor mij een belangrijke les: journalisten en kranten zijn niet uit op een gebalanceerd verhaal maar op pakkende quotes en stellingen.




woensdag 12 februari 2014

Ondernemer op een pachtbedrijf - 1959 - 2014


Roelof Steenbeek

30 augustus 1959 - 11 februari 2014

Een man met hart voor zijn Schepper
Een man met hart voor zijn gezin

Een man met hart voor zijn boerderij
Een man met hart voor zijn Kampereiland


Ondernemer op een pachtbedrijf



woensdag 5 februari 2014

Boeren en Buren: uitdagingen en kansen

Op 4 februari 2014 mocht ik een verhaal presenteren in een TED achtige setting: kort en krachtig, inspirerend en verhelderend. Het onderwerp was helder: landbouw in zijn omgeving en ik ben uitgekomen bij de werelden van boeren en buren, van stad en land. De ringen van Von Thunen komen langs maar nu vanuit een nieuw gezichtspunt.
Het was een mooie bijeenkomst met veel positieve reacties.

De video is terug te kijken via: http://www.youtube.com/watch?v=dhaFMIDtRV8

maandag 16 december 2013

Kerst en nieuwjaarsgroet


Goede, gezegende feestdagen en 2014 gewenst
  

Aan alle ondernemers op het Kampereiland e.o.,

Aan het einde van 2013 breng ik u samen met deze groet ook graag op de hoogte van de voortgang van mijn promotiestudie en wat er nog op stapel staat.

o   De enquête is erg goed gegaan, er zijn vier duidelijk verschillende groepen ondernemers, u vindt de beschrijving onder dit bericht op hetzelfde blog
o   Het rapport over de economie is goed ontvangen door de Pachtersbond en Stadserven, het is een goede basis voor visievorming
o   Benieuwd hoe ik van enquête naar resultaten kom? Meer info via deze link.

Wat gaat er  in 2014 gebeuren?
o   Verdiepende interviews met een deel van de ondernemers en betrokkenen
o   Wat zijn volgens u goede en minder goede manieren zijn om de ontwikkeling van bedrijven op Kampereiland te ondersteunen
o   Vervolg van het monitoringsonderzoek: samen met de ABC accountants worden de cijfers van 2013 bestudeerd als vervolg op het eerste rapport.

Het onderzoek is op deze manier nuttig voor de theorie en de praktijk. Voor de theorie kant is het de basis voor mijn proefschrift (ik hoop dat het kerst 2015 klaar is). Voor de praktijk kant is het voor Pachtersbond en Stadserven waardevolle informatie over de ontwikkeling van Kampereiland. Het is voor mij een voorrecht om zo het gebied te leren kennen.

Via de volgende pagina kunt u de informatie over het onderzoek terugvinden:


Met vriendelijke groet en graag tot ziens,

Ron Methorst

4 groepen ondernemers obv visie op mogelijkheden voor inkomen op hun bedrijf

Verschillen tussen ondernemers op Kampereiland e.o.


Bron: enquête onderzoek Ron Methorst  r.methorst@cahvilentum.nl februari 2013

79 melkveehouders op Kampereiland e.o. hebben de enquête over de ontwikkelmogelijkheden ingevuld met als hoofdvraag: Hoe zie jij als ondernemer voor jouw bedrijf, op jouw locatie en in jouw situatie de mogelijkheden om een (belangrijk deel van jouw) inkomen te behalen?
Elke boer heeft voor 15 mogelijkheden aangegeven of hij denkt dat dit voor hem een optie is. Er blijken 4 groepen boeren te zijn die sterk op elkaar lijken. Binnen de groepen zijn er ook grote verschillen, maar de verschillen binnen de groepen zijn kleiner dan de verschillen tussen de groepen.

Groep 1 (29 boeren): de locatie van het bedrijf is een plek waar ik zoveel mogelijk produceer, de beperkingen die er zijn probeer ik zoveel mogelijk op te heffen (door aanvoer van voer, techniek etc), de productie per koe en per ha zijn hoog.

Groep 2  (21 boeren): de locatie van het bedrijf is een plek waar ik zo goed mogelijk in evenwicht produceer met de beperkingen die er zijn. Ik beschik over een hoeveelheid middelen (land, arbeid, vee) en ik probeer vervolgens binnen die beperkingen zo goed mogelijk te produceren. De voeropbrengst van de beschikbare grond bepaalt voor een belangrijk deel mijn melkproductie en ik ben voorzichtig met bijproducten en krachtvoer

Groep 3 (21 boeren): de locatie van het bedrijf zelf biedt mij, naast het produceren van melk, ook de mogelijkheid om op een andere manier geld inkomen te verdienen, hierbij gebruik ik de locatie en de middelen die wij ter plekke hebben (arbeid etc), de manier van boeren lijkt erg op die van groep 2

Groep 4 (8 boeren): de locatie is voor mij een plek waar ik woon, de melkproductie gaat waarschijnlijk stoppen, ik heb dan inkomen uit ‘pensioen’ of andere activiteiten, de manier van boeren lijkt op groep 2

De optie ‘volle kracht melkvee’ is voor veel boeren favoriet, ook voor veel boeren in groep 2 en groep 3. In de tabel is de gemiddelde ontwikkeling gegeven in de 4 groepen tussen 1985 en 2012, op basis van geschatte informatie van de ondernemers zelf.

Groep 1
Groep2
Groep 3
Groep 4
n = 29
n = 21
n= 21
n = 8
Gem ha per bedrijf 1985
30.5
27.3
29.9
26.6
Gem ha per bedrijf 2012
53.2
39.1
51.0
33.8
Gem koeien per bedrijf 1985
64.6
50.4
53.9
48.8
Gem koeien per bedrijf 2012
99.3
64.9
77.6
48.3
Gem melk per bedrijf 1985 * 1000 kg
440
345
366
335
Gem melk per bedrijf 2012 * 1000 kg
895
540
620
410
Gem % groei in melkproductie ‘85-‘12
134%
78%
85%
28%
Gem melkproductie/koe 1985 * 1000 kg
6.7
6.8
6.7
6.7
Gem melkproductie/koe 2012 * 1000 kg
9.0
8.3
7.5
7.2
Gem melkproductie/ha 1985 * 1000 kg
14.3
12.4
12.2
12.2
Gem melkproductie/ha 2012 * 1000 kg
17.9
14.1
11.9
10.7
Ik stop binnen 15 jaar
8
8
6
2
Bedrijf gaat zeker door als ik stop
17
13
14
3


Voor een beeld hoe dat nu gaat van enquête naar conclusies en meer informatie over het onderzoek kunt u kijken op http://promotieonderzoekkampereiland.blogspot.nl/2013/11/van-enquete-naar-conclusies-hoe-gaat.html